Elk luchtvaartuig is vanuit wet- en regelgeving verplicht om te beschikken over een verzekering voor aansprakelijkheid ten aanzien van derden (kortweg: WA-verzekering). Wanneer je tandem vliegt (en dus passagiers vervoert), dan ben je vanuit wet- en regelgeving ook verplicht om te beschikken over een verzekering voor aansprakelijkheid ten aanzien van passagiers. Op deze pagina leggen we uit hoe de wet- en regelgeving in elkaar zit en wat de minimale eisen zijn.
Algemeen
In de Regeling nationale veiligheidsvoorschriften luchtvaartuigen artikel 47 lid 1 b en het Besluit bewijzen van bevoegdheid voor de luchtvaart artikel 11 lid 2 c is vastgelegd dat met een gemotoriseerd schermvliegtuig of paramotortrike alleen gevlogen mag worden indien er een verzekering is afgesloten voor burgerrechtelijke aansprakelijkheid. Hierbij wordt verwezen naar de vereisten in de Wet luchtvaart artikel 7.4, waarin weer wordt verwezen naar de Verordening (EG) nr. 785/2004 van het Europees Parlement. In deze Verordening is voor alle EU landen bepaald wat de minimale dekking voor wettelijke aansprakelijkheid is.
Het is belangrijk om te beseffen dat er in de luchtvaart twee soorten wettelijke aansprakelijkheid zijn:
- Wettelijke aansprakelijkheid ten aanzien van derden (vergelijkbaar met de WA-verzekering van een auto; dit geldt voor alle gemotoriseerd schermvliegtuigen en paramotortrikes);
- Wettelijke aansprakelijkheid ten aanzien van passagiers (dit geldt alleen voor tandem).
De Verordening bepaalt de minimale dekking van de WA-verzekering. Dit wordt uitgedrukt in BTR (bijzonder trekkingsrecht). BTR is een eenheid die wordt vastgesteld door het Internationaal Monetair Fonds (IMF) en kan worden gezien als een wisselkoers. Op het moment van schrijven (januari 2025) geldt de volgende wisselkoers:
1 BTR = 1,25 euro
Verzekering voor aansprakelijkheid ten aanzien van derden
Artikel 7 van de Verordening (EG) nr 785/2004 bepaalt dat luchtvaartuigen met een MTOM (maximale startmassa) van 500 kg (categorie 1) een verzekering voor aansprakelijkheid ten aanzien van derden met een minimale dekking van 0,75 miljoen BTR moeten hebben. Omdat in het Besluit luchtvaartuigen 2008 is vastgelegd dat de massa van een paramotortrike niet meer mag zijn dan 450 kg, vallen paramotors altijd in deze categorie. In de praktijk betekent dit dat de minimale dekking van de verzekering voor aansprakelijkheid ten aanzien van derden 0,75 miljoen * 1,25 = 937.500 euro moet zijn (januari 2025). Dit geldt voor zowel voetstart als trikestart.
Verzekering voor aansprakelijkheid ten aanzien van passagiers
Wanneer je tandem vliegt en dus passagiers vervoert, dan is het in de luchtvaart zo dat je ook een verzekering voor aansprakelijkheid ten aanzien van passagiers moet hebben. Artikel 6 lid 1 van de Verordening (EG) nr 785/2004 beschrijft hiervoor de regels. Er wordt onderscheid gemaakt tussen commerciële en niet-commerciële uitvoering van de vlucht. Wanneer een vlucht commerciëel wordt uitgevoerd, dient per passagier een verzekering voor aansprakelijkheid te worden afgesloten met een minimale dekking van 250.000 BTR. Wanneer een vlucht niet-commerciëel maar recreatief wordt uitgevoerd, mag de lidstaat zelf bepalen wat de hoogte is van de minimale dekking, doch niet minder dan 100.000 BTR per persoon. In artikel 7.4 lid 2 van de Wet luchtvaart is vastgelegd dat in Nederland de dekking per passagier voor recreatief gebruik tenminste 100.000 BTR moet zijn.
Van belang is dat paramotors en paramotortrikes in Nederland alleen recreatief mogen worden gebruikt. Daarom geldt dus bij tandem vluchten altijd dat een verzekering voor aansprakelijkheid ten aanzien van passagiers met een minimale dekking van 100.000 BTR (=125.000 euro; januari 2025) moet worden afgesloten.
Waar sluit ik een WA-verzekering af?
Een WA-verzekering sluit je af door lid te worden van de KNVvL afdeling Paramotorvliegen. De KNVvL afdeling Paramotorvliegen heeft twee soorten WA-verzekeringen:
- De solo-WA-verzekering
- De tandem-WA-verzekering
De solo-WA verzekering is standaard inbegrepen bij het lidmaatschap van de KNVvL afdeling Paramotorvliegen. De tandem-WA-verzekering kan apart in mijn.knvvl.nl worden afgesloten door leden die een tandem aantekening op hun KNVvL vliegbewijs hebben. Er wordt géén onderscheid gemaakt tussen voet- en trikestart. De WA-verzekering is gekoppeld aan het lid en niet aan het toestel waarmee gevlogen wordt:
Regels en voorwaarden
Voor de collectieve WA-verzekering van de KNVvL gelden de volgende regels en voorwaarden:
- Je dient lid te zijn van de KNVvL afdeling Paramotorvliegen.
- Je dient houder te zijn van een geldig KNVvL Paramotorvliegbewijs met de betreffende aantekening(en).
- Als cursist ben je ook verzekerd wanneer je voor het KNVvL Paramotorvliegbewijs in opleiding bent bij een KNVvL-instructeur. Let op: in dit geval moeten zowel de cursist als de instructeur lid zijn van de KNVvL afdeling Paramotorvliegen.
- De tandem-WA-verzekering is ook geldig als je solo vliegt.
- De dekking is geldig in vrijwel geheel geografisch Europa en geldt voor alle aantekeningen, waaronder ook (hulp)instructeurs. Er zijn enkele uitsluitingen waarover alle leden worden geïnformeerd.
- Er geldt een eigen risico van € 250,-.
- Er zijn een aantal uitsluitingen, waaronder wanneer wordt gevlogen in strijd met regelgeving, bij weersomstandigheden die algemeen gezien als ongeschikt voor paramotorvliegen gezien worden, met een toestel dat niet juist onderhouden is, en het berokkenen van schade aan het paramotormateriaal van andere vliegers op het veld.
Het is verstandig alle regels en voorwaarden in de polisvoorwaarden te lezen. Deze tref je op de website van de KNVvL.
Premie
De premie voor de solo-WA-verzekering is € 30,- per jaar (januari 2025). Deze is al verwerkt in de contributie van de afdeling en wordt dus automatisch betaald als je lid wordt. De aanvullende premie voor de tandem-WA-verzekering is € 114,- euro per jaar en wordt betaald bij het afsluiten via mijn.knvvl.nl.
Links
Klik hier om lid te worden van de KNVvL afdeling Paramotorvliegen.